Bernal wint de Tour

Egan Bernal wint op zijn 22ste de Ronde van Frankrijk. De Sportgazet laat enkele wielercoryfeeën aan het woord over de eerste Colombiaanse Tourzege.

Michel Wuyts: “Bernal is een godsgeschenk voor het wielrennen. Met die onschuldige puppyoogjes, je zou hem bijna een boterham toesteken in zijn boekentas op weg naar school. En hoe vederlicht die beentjes, pam pam pam naar de ijle Colombiaanse hoogvlaktes, een lust voor het getrainde wieleroog zoals het mijne. Na jaren van nivellering weer iemand die er bovenuit steekt. En het wonderbaarlijke is, hij wint door de nivellering bij de anderen. Moeder gods, wat een nivellering! Iedereen met gelijke wapens, zonder doping, José. José?”

José De Cauwer: “Nee nee nee nee nee. Wat is dat doping? Ik bedoel daarmee: de vraag is waar rij je naartoe, waar rij je toch naartoe? In de Tour is al veel gebeurd en er staat nog zoveel te gebeuren. (kijkt even in het roadbook) We komen daar aan kilometerpaal 186, met een stuk vallei bergop dat eigenlijk ook bergaf gaat.”

Michel Wuyts: “Carl, op de motor, zie jij dat ook? Carl? Thomas die aan Bernal zegt dat hij vooral moet blijven zitten aan zijn achterwiel?”

Carl Berteele: “Nee, dat heb ik niet gezien. Ik rijd hier op de weg waar we vanmorgen ook al zijn gepasseerd met de hele persmeute op terugweg van het mosselsouper van Deceuninck en waar het toen nog aan het regenen was, maar nu is het weer droog. We rijden hier een groepje voorbij in de achtergrond, met zeker 3 Belgen. Toch weer een mooie prestatie.”

Michel Wuyts: “Dank je wel Carl voor de alweer verhelderende informatie. Oh, daar gaat Pinot. Opgepast hé! Opgepast hé! Dat is een rare patriot hé. Die gaat de Tour winnen, die gaat de Tour winnen!”

Franse commentatoren in koor: “Quel coeur de lion, Thibaut Pinot! Allons enfants de la Patrie!…”

José De Cauwer: “Michel, de Tour is gereden, de Tour is gereden. Nu is het vooral eten, drinken, eten, drinken, en vooral niet meer aanvallen. Je zou maar eens op een counter lopen, zo net na Parijs.”

Thijs Zonneveld: “Over 10 jaar wint Alaphillipe deze Tour toch, omdat ook de Iséran nog wordt geschrapt en hij werd geduwd door een verzorger. Jééééézes, dat ziet toch zelfs een mislukte coureur? En dan wordt ook Merckx geschrapt voor zijn zege 60 jaar geleden omdat hij 3 keer werd betrapt op doping. Drie keer!”

Michel Wuyts: “Dat moet je in zijn context zien, dat is een héél ander verhaal. Eddy Merckx, de grootste aller tijden, dat waren andere tijden en kleine middeltjes. Je ging daar echt niet harder van rijden. Eigenlijk was er toen geen nivellering. Eddy was gewoon de beste, punt!”

Eddy Merckx (schuifelt ongemakkelijk op zijn stoel): “Ja absoluut, als ge den beste zijt, zijt ge den beste. En in de Giro werd ik betrapt toen ik al gewonnen had. Als het nu nog net voor een tijdrit was geweest. Ja, dan… Ja euh, eigenlijk, het verleden is gedaan en ge moet naar de toekomst kijken. Euh, Bernal is de verdiende winnaar. Als ge ziet hoe hij bergop rijdt…” (zzzzzzzzzz)

Patrick Lefevere: “ASO mag blij zijn dat Deceuninck – Quick-Step in deze Tour was, de rest reed gewoon in ons wiel. Als wij er niet waren, wie ging er dan nog kijken naar deze Tour? Ja, De Gendt wint een mooie etappe, maar alleen maar omdat wij – de Wolfpack – hem laten rijden hé. Zonder ons is er geen Tour! En natuurlijk wil Bernal bij ons rijden maar ik kan niks beloven dat ik niet kan betalen. Thijs Zonneveld is ook bij mij gekomen voor een contract. Ik heb gezegd: kunt gij een koers winnen? Awel nee, ik kan u een contract geven van een half jaar, als halve coureur. Het was toen rap gedaan met onderhandelen.” (monkellachje en pretoogjes)

José De Cauwer: “Waar gaat dit eigenlijk over? Ik vraag het mij af: waar gaat dit eigenlijk over?”

Johan Bruyneel: “Ja, want eigenlijk was Lance de grootste aller tijden. Wij hebben zeven keer de Tour gewonnen, zeven keer! Reed Bernal in de jaren 2000, we gingen hem op kop laten rijden met Heras en Rubiera om Ullrich te lossen. En Lance ging dan winnen. Daar ging geen discussie over zijn. Wat ik met Lance heb gepresteerd, was fenomenaal hé.”

Thijs Zonneveld: “Tjokvol doping! Kon geen pindakaas meer bij, zou Mollema zeggen.”

Bauke Mollema: “Mmm, lekker, pindakaas!”

Eddy Planckaert: “Tja, laat ons eerlijk zijn: Bernal eet geen pindakaas. Die rijdt zo rap naar boven of de Colombianen in mijnen tijd: Parra en Luicho Herrera. Amai, die rare bruine mannekes die konden met een fiets rijden hoor! Laat ons eerlijk zijn: waren die bij ons moeder Gusta komen wonen, ze hadden de Tour wel 10 keer gewonnen hé. En dan spraken we van Bernalleke nu niet. Kunt ge ne keer nagaan hé.”

Michel Wuyts: “José, dat kasteel daar? 1790 of 1890?”

José De Cauwer: “Ja ja ja ja ja, dat kasteel daar! Is Bernal nu al binnen eigenlijk?”

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag